Waarde van tijdelijkheid





Door het ontbreken van voldoende financiële middelen en of de juiste juridische basis, zijn de afgelopen jaren veel (bouw)terreinen in Nederland braak komen te liggen. Oude gebouwen of woningen zijn gesloopt of landbouwgrond/natuurgebied is bouwklaar gemaakt ten einde een nieuwe ontwikkeling in te zetten. De plannen waren zo goed als rond, dus er kon gesloopt worden. De geplande bouw bleef echter uit met als resultante een non-descript terrein met een uitgestelde bestemming.

In de afgelopen 10 jaar zijn verschillende particuliere partijen opgestaan om deze terreinen te ontwikkelen. Waardedaling van het gebied en woningen, afname perspectieven van de bewoners in de wijk of een bijzonder idee, waren veelal aanleiding voor ontwikkeling. In eerste instantie vaak op eigen initiatief, en bij succes in sommige gevallen in opdracht van de eigenaar van de grond.

In alle gevallen worden deze terreinen ontwikkeld vanuit het perspectief van tijdelijkheid. De geplande bestemming van de grond en het te bouwen werk zijn juridische vastgelegd, alleen het moment van realisatie van de bouw is voorlopig uitgesteld. En juist dit tijdelijke perspectief biedt mogelijkheden voor de partijen die ideeën hebben voor de ontwikkeling van het terrein. Wie zijn de partijen? Wat zijn de mogelijkheden? En wat zijn de randvoorwaarden waar zij mee te maken hebben?

Een kleine inventarisatie van een aantal projecten in Nederland geeft zicht op kunstenaars, bewonerscollectieven en creatieve ondernemers[1]. Zij richten zich op de ruimte die zij zien voor ontwikkeling van een (maatschappelijk) ideaal, ontdekkingen en het verschil dat zij kunnen maken voor de toekomst. In veel gevallen is het ontwikkelingsmodel in eerste instantie gebaseerd op investeren van (veel) eigen tijd, samenwerking met andere partijen uit het eigen netwerk of het netwerk verbonden aan de locatie, bij voorkeur op basis van vrijwillige inzet of ruilen van kwaliteiten, talenten en bezittingen. Naast dat zij hun eigen projecten sponsoren in tijd en materialen, worden financiële bijdragen verkregen via subsidies, sponsoring van derden, donaties en inkomsten uit festivals.

Fysiek ontwikkelen van een terrein of gebied in de openbare ruimte betreft, naast het storten van grond, voornamelijk het bebouwen van grond in de vorm van groen (park, moestuinieren, natuurspeeltuin), spelelementen, kunst, meubilair en kleine bouwwerken zoals hutjes, kassen en paviljoens. In de meeste gevallen kan vergunningsvrij worden gebouwd omdat tijdelijke bouwwerken, straatmeubilair, boombakken en bouwwerken lager dan 1 meter buiten de regels van een omgevingsvergunning vallen. Daarnaast is het zo dat een terrein met een uitgestelde bestemming in de praktijk vaak samengaat met een uitgestelde verantwoordelijkheid en daarmee met een ruime interpretatie en toepassing van de regelgeving.

Gebiedsontwikkeling ad interim in de openbare ruimte biedt op verschillende vlakken perspectieven. Alles staat in het kader van tijdelijkheid. Voor bouwen van objecten of elementen met een tijdelijke status gelden andere regels dan voor objecten of elementen die men permanent wil neerzetten, mits rekening wordt gehouden met een maximale termijn van vijf jaar.
Een op het terrein te realiseren bouwwerk of grond met een tijdelijke status van maximaal vijf jaar:
a)       hoeft niet getoetst te worden door de Welstandscommissie;
b)      kan gebruik maken van een tijdelijke vergunning ‘voorwerpen aan de weg’ met een behandeltijd van drie weken versus minimaal acht weken die geldt voor reguliere aanvragen;
c)       kan gebruik maken van goedkopere en gebruikte materialen. Het materiaal kan in dit geval worden beoordeeld op de duur waarop het bouwwerk dienst moet doen. Uiteraard ligt er in dit geval een morele plicht bij de bouwer/beheerder het bouwwerk te beheren en onderhouden;
d)      krijgt eerder instemming van gemeentelijke diensten als het aspect van tijdelijkheid wordt gehanteerd.

Op dit moment, uitgaande van de huidige wet- en regelgeving, biedt het label tijdelijkheid meerwaarde aan de ontwikkeling van een gebied. Door tijdelijkheid te verbinden aan een tijdelijke of voorlopige termijn van maximaal vijf jaar, biedt de bestaande regelgeving mogelijkheden om de tijdelijke factor optimaal te benutten voor de ontwikkeling die gewenst is. Tevens beschermt de toevoeging van deze maximale duur de ontwikkelaars (behouden van intentie van tijdelijkheid) en de eigenaar van het terrein in eerste instantie voor claims die mogelijk gericht zijn op meer permanente ontwikkelingen.